Een initiatief van het Instituut Verantwoord Medicijngebruik

Gewrichtsklachten

Een gewricht is het 'scharnier' tussen twee botten. Soms raakt het bot, het kraakbeen of het gewrichtskapsel geïrriteerd en dit geeft klachten. Gewrichtsklachten ontstaan vaak door overbelasting of artrose, en soms door een ontsteking. Bij artrose ontstaat vaak pijn en stijfheid in de heup(en), de knie(ën), aan de basis van de duim of aan de eindkootjes van de vingers. De klachten bij artrose zijn het ergst als je bijvoorbeeld ’s ochtends je hand of knie voor het eerst weer beweegt (startpijn).

Symptomen van gewrichtsklachten zijn:

  • Stijve en pijnlijke gewrichten.

  • Bepaalde bewegingen zijn lastig of lukken niet meer, zoals het opendraaien van een deksel.

  • 's Nachts niet kunnen inslapen of wakker worden van de pijn.

  • De pijn kan uitstralen van het gewricht naar de spieren, bijvoorbeeld van het kniegewricht naar de spieren in het bovenbeen.

Naar de huisarts

Bel de huisarts als het gewricht dik, warm of rood is. Dan is er misschien sprake van een ontsteking. Probeer je te herinneren hoe de klachten begonnen zijn en wanneer je er het meeste last van hebt. Dat helpt om meer duidelijkheid te krijgen over de oorzaak ervan. De huisarts bekijkt de gewrichten, test welke bewegingen lastig of pijnlijk zijn en vergelijkt de gewrichten onderling.

Handig om te weten

  • Blijf in beweging. Als het gewricht niet dik, warm of rood is, dan is het veilig en goed om in beweging te blijven. De spieren worden sterker door het bewegen en je voorkomt dat ze stijf worden. De pijn wordt op den duur minder. Soms is het nodig dat een fysiotherapeut of oefentherapeut (Cesar of Mensendieck)begeleiding geeft. De fysio- of oefentherapeut geeft aan hoever je kunt gaan en welke bewegingen passen bij de gewrichtsklachten die je hebt.

  • Let op je gewicht. Als je te zwaar bent, probeer dan af te vallen, zodat de gewrichten minder worden belast. Lichaamsbeweging en gezonde voeding zijn daarbij extra belangrijk.

  • Als pijnstiller kun je paracetamol gebruiken. Neem deze met een vaste regelmaat in als de pijn steeds terug komt. Neem zo nodig om de vijf uur twee paracetamol (maximaal 8 tabletten per dag). Helpt dit niet genoeg, probeer dan ibuprofen, diclofenac of naproxen. Deze middelen heten NSAID's. NSAID's kunnen maagklachten geven. Ook kunnen ze de werking van sommige andere medicijnen beïnvloeden. Mensen met hart-, vaat- en nierproblemen moeten extra voorzichtig zijn met het gebruik van NSAID’s. Dit geldt ook voor mensen ouder dan 70 jaar. De arts kan dan een ander middel of een extra medicijn geven om de maag te beschermen. Vertel het je huisarts altijd als je paracetamol of NSAID's gebruikt! Lees meer informatie op de pagina over pijnklachten.

Meer weten?

Folders en brochures voor patiënten zijn:

Patiëntenorganisaties op het gebied van gewrichtsklachten zijn:

Websites op het gebied van gewrichtsklachten zijn:

 

Laatste update op 07-06-2013