Een initiatief van het Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik

Interview: Christina Harrevelt & Annelous Prosetiko

Geplaatst op 14 januari 2013

Kleine aanpassingen maken een groot verschil

Als het gaat om het verlenen van zorg aan oudere mensen met een Creoolse afkomst, dan moet je een aantal dingen weten. Kleine aanpassingen die een groot verschil maken en de zorg aanzienlijk verbeteren. Christina Harrevelt en Annelous Prosetiko zetten zich allebei in voor de belangen van Surinaamse ouderen.


Prosetiko ziet het bij de dagelijkse zorg voor haar moeder van 91 jaar. Haar moeder is dementerend en krijgt zorg aan huis. Maar ook Prosetiko zelf zorgt ook elke dag voor haar. 'Het hoort bij mijn generatie denk ik, dat je zo lang het gaat voor je ouders zorgt en dat ze dus niet naar een verpleeg- of verzorgingshuis hoeven.' Voor Prosetiko is de zorg voor haar moeder iets vanzelfsprekends. 'Het is zo gegroeid. Eerst doe je de was, wat boodschappen, en voordat je het weet doe je alles. Ik kook, help haar met haar verzorging, bij het eten en regel alles.'

Hygiëne

De zorg voor haar moeder is goed, maar er zijn ook gewoontes waar de zorgverleners weinig begrip voor hebben. Bijvoorbeeld mondhygiëne. 'Het is doodnormaal voor ons dat je zodra je wakker wordt, je mond verzorgt. Dus het eerste wat je doet, is je tanden poetsen. Dáárna ga je pas eten, of neem je je medicijnen.' De thuiszorg weet dat echter niet, en houdt er dus geen rekening mee. De moeder van Prosetiko vindt dit dus heel vervelend. 'Dat zegt ze niet, maar dat merk je wel aan haar gedrag. De verzorgster weet niet wat er aan de hand is.'


Een ander voorbeeld is het wassen. Eén washandje en één handdoek vinden Surinamers gewoon heel raar. 'Wij gebruiken twee baddoeken en 2 badhandjes, zoals wij dat noemen', zegt mevrouw Harrevelt. 'Eén badhandje en één baddoek zijn speciaal voor het onderlichaam.' In de praktijk kan dat dus voor problemen zorgen. 'Mijn moeder wilde niet meer gewassen worden door de verpleging omdat ze maar met één washandje gewassen werd. Voor haar was dat heel vies', zegt Harrevelt. Door de verpleging word je dan natuurlijk als een zeur gezien. Terwijl het een kleine aanpassing is die voor de cliënt een wereld van verschil maakt. Prosetiko geeft een voorbeeld van hoe belangrijk het is: 'toen ik in Nederland kwam wonen gaf je meer geld uit aan het badhuis dan aan eten.' Harrevelt lacht. 'Heel herkenbaar dit,' zegt ze.


Zo is het ook met de huishouding. 'Elke kamer maak je schoon met een eigen doek' en emmer of teil,' zegt Prosetiko. Dus niet het doekje van de wc in de keuken leggen of de po omspoelen in de keuken. Dat kan gewoon niet voor Surinamers. 'Je bespreekt dit, maar waarschijnlijk vinden ze ons overdreven want vervolgens staat er in het dossier van mijn moeder dat de familie heel erg gesteld is op hygiëne. Ze wuiven het weg. Maar het is gewoon heel belangrijk voor ons.' Problematisch wordt het als de oudere cliënt er niets van zegt of kan zeggen. Hij of zij blijft dan met een heel vervelend gevoel zitten, dat eigenlijk nergens voor nodig is. 'Het lijkt me beter de dingen te benoemen zodat iedereen weet waar het over gaat.'

Communiceren

Verder is het zo dat oudere Surinamers vaak in gebiedende wijs praten. In plaats van 'mag ik wat te drinken', zeggen ze 'geef me wat te drinken.' Het komt commanderend over. 'Maar ze bedoelen het helemaal niet zo', legt Prosetiko uit. 'Maar dat weten de verzorgers niet. Die voelen zich soms aangevallen, of beledigd. Ze moeten dit weten, zodat ze zich dit niet aantrekken.' Volgens mevrouw Harrevelt is het gelukkig zo dat het steeds minder wordt. 'Je ziet al dat onze generatie het bijna niet doet. Maar het is zeker iets om rekening mee te houden.'

Sowieso is goed communiceren cruciaal voor de verzorging. 'Oudere Surinamers zeggen bijvoorbeeld 'me voet doet pijn', of 'ik heb iets aan me ati.' Maar met 'me voet' kunnen ze niet alleen hun voet bedoelen, maar hun hele been.' Het woord 'ati' betekent maag én hart, dus ook dat kan verwarrend zijn voor de zorgverlener. In de praktijk moeten zij volgens de dames dan ook meer aandacht besteden aan de achtergrond van de persoon die zij verzorgen. Zelf zetten zij zich via de belangenorganisatie Fos'ten in om Surinaamse ouderen te helpen. Met het voorlichtingsprogramma 'Bigi sma sab yu skin' (Oudere, ken uw lichaam) leren zij ouderen beter te communiceren over hun kwalen en problemen en de zorg die zij nodig hebben.

Taboe


Fos'ten, waar Christina Harrevelt voorzitter van is, gmaakt tijdens bijeenkomsten dementie bespreekbaar om dit onderwerp uit de taboesfeer te halen . 'Je merkt heel erg dat het een taboe-onderwerp is. Het is echt een zorg, omdat steeds meer mensen ermee te maken hebben. Ook voor de mantelzorgers kan het zeer belastend als hun vader of moeder dementerend is.' Prosetiko weet daar alles van. 'Mijn moeder wist het heel goed te verbergen, dus de diagnose werd eigenlijk pas na een paar jaar echt vastgesteld. Dat maakte het lastiger.'

Maar niet alleen op dementie rust een taboe. Ook op kanker. 'Het k-woord', zegt Prosetiko. 'Ook een groot probleem, want er wordt gewoonweg niet over gepraat.' Depressie idem dito. 'In Suriname bestaat depressie niet eens. Daar zeggen ze 'ze is lui, slordig, over overspannen', zegt Harrevelt. Volgens haar praten mensen met een depressie er niet over omdat ze hun omgeving niet willen belasten.

Medicijnen

In de praktijk is er nog een ander groot probleem. Creools-Surinamers zijn absoluut niet therapietrouw. Ze slikken hun medicijnen vaak niet volgens het voorschrift, alleen als ze er aan denken of als het hun uitkomt. 'Mijn moeder zei altijd: ik maak van mijn maag geen apotheek', zegt Harrevelt. Volgens Prosetiko moeten Surinamers veel meer vragen aan de huisarts waarom ze bepaalde medicijnen krijgen en hoe ze ze moeten gebruiken. Ook de mantelzorgers, vaak de kinderen, moeten zich er veel meer mee bemoeien. 'Dat doe ik ook, ik schrijf op welke middelen mijn moeder allemaal slikt.' Daarnaast raadt ze iedere mantelzorger aan heel goed te communiceren met alle zorgverleners die bij de ouderen betrokken zijn. Zelf heeft ze een schriftje voor de dagopvang neergelegd waarin iedereen die voor haar moeder zorgt, opschrijft hoe het gaat en of er problemen zijn. 'Het is een hulpmiddel om beter voor mijn moeder te kunnen zorgen', zegt Prosetiko. 'Een kleine aanpassing, maar het maakt een groot verschil.'